CBR wijst leerling op misleidende reclame theorie-opleidingen

Het CBR waarschuwt rijbewijskandidaten voor misleidende reclames van theorie-opleiders. “We krijgen regelmatig klachten over rijscholen die de indruk wekken dat je bij hen altijd slaagt. Dat blijkt in de praktijk niet zo te zijn”, zo meldt het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen online. “Dus let goed op als je een theoriecursus boekt”, zo wordt geadviseerd.

Het CBR haakt hiermee in op de uitspraak die de Reclame Code Commissie in augustus deed in de zaak van theorie-opleider AltijdGeslaagd. De uiting van een 100 procent slagingsgarantie is misleidend en daardoor oneerlijk, zo oordeelde de commissie.

Theorie

Het rijschoolbedrijf AltijdGeslaagd, dat stoomcursussen theorieles van een dag geeft, stelt de beschikking te hebben over de theorie-vragen en die door te spelen aan haar leerlingen. Op die manier claimt het bedrijf een slagingsgarantie van 100 procent te hebben. ”Het CBR doet al enige tijd geen zaken meer met AltijdGeslaagd en de inschrijvingsovereenkomst is opgezegd”, laat het bureau weten.

Volgens het CBR is er in de afgelopen jaren hard gesleuteld aan de vragen van de verschillende theorie-examens. “Kandidaten moeten de vragen en situaties die in het examen voorkomen dus echt begrijpen om goed te kunnen antwoorden. Het leren van plaatjes is niet voldoende”, zo werd eerder al door het CBR aangegeven. Naar theorie-leerlingen toe maakt het CBR nu dan ook een duidelijk punt: “Voor theorielessen geldt: lijkt het te mooi om waar te zijn, dan is het dat ook.”

 

Bron:Verkeerspro.nl

Let als automobilist extra op voor fietsers bij start schooljaar

Automobilisten moeten vooral tijdens de start van het schooljaar extra goed letten op fietsers. Er bestaat namelijk een relatie tussen de start van het schoolseizoen en de verkeersveiligheid. Dit is terug te zien in de cijfers van slachtoffers op de fiets. Vooral in september is onder 12-jarigen het aantal slachtoffers aanmerkelijk hoger dan in andere maanden en andere leeftijdsgroepen. Dat blijkt uit onderzoek van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV).

Dat er aan het begin van het schooljaar meer ongevallen plaatsvinden met schoolgaande kinderen is aannemelijk, zegt de SWOV.

Scholieren

“Middelbare scholieren moeten vaak verder reizen dan toen ze nog naar de lagere school gingen. Dat betekent een langere afstand, maar ook een route over wegen buiten de bebouwde kom. Dat brengt hogere risico’s met zich mee. Zeker zij die voor het eerst naar de middelbare school gaan (brugklassers), zullen een groter risico lopen omdat zij de nieuwe route nog niet goed kennen”, aldus het onderzoek.

Het aantal slachtoffers onder 12-jarigen in de maand september is met 187 significant hoger dan het gemiddelde van 103 slachtoffers per maand onder 13-15-jarigen (per leeftijdsjaar; gerekend over september en oktober). Onderstaande figuur laat dit zien voor de doden en geregistreerde ernstig verkeersgewonden onder jeugdige fietsers in de periode 1993-2009. In de jaren na 2009 zijn de benodigde gegevens niet meer betrouwbaar.

Verkeersveiligheid

SWOV heeft echter geen onderzoek gedaan naar de relatie tussen de start van het schoolseizoen en de verkeersveiligheid. In bovenstaande is daarom nog geen rekening gehouden met de landelijke spreiding in de tijd van zomervakanties, met een trend in het aantal slachtoffers sinds 1993, of met het aantal dagen dat scholieren in de verschillende maanden naar school gaan (er is dus ook geen rekening gehouden met herfstvakanties).

“De aandacht voor schoolkinderen waarop de VVN-campagne “De scholen zijn weer begonnen” zich richt, lijkt dus gerechtvaardigd”, vindt de SWOV.

SWOV, cijfers, ongevallen, fiets

 

Bron: Verkeerspro.nl

Middelbare scholen België willen verplicht verkeerseducatie

Middelbare scholen in België hebben behoefte aan structurele verkeers- en mobiliteitslessen in het onderwijspakket en willen onderwijshervormingen aangrijpen om dit te realiseren. Dat blijkt uit een online peiling van de Vlaamse Stichting Verkeerskunde onder ruim 450 medewerkers van Vlaamse en Brusselse middelbare scholen. Bij de enquête werd zowel gepeild naar de huidige invulling van verkeers- en mobiliteitseducatie in secundaire scholen als de toekomstvisies rond dat thema.

Huidige situatie: verkeer en mobiliteit komen zowel op school- als klasniveau aan bod, maar weinig frequent. Iets meer dan de helft van de respondenten geeft aan dat verkeer en mobiliteit zowel op school- als op klasniveau worden behandeld (57,0%).

Schoolniveau

Daarnaast zijn er scholen waar het thema ofwel enkel op schoolniveau (22,3%) ofwel enkel op klasniveau (15,5%) aan bod komt. Een kleine minderheid (5,3%) geeft aan dat er helemaal geen aandacht wordt besteed aan verkeer en mobiliteit.

Als verkeer en mobiliteit op schoolniveau aan bod komen, is dat meestal in het pedagogisch project of de pedagogische visie van de school (70,7%). Op klasniveau komen verkeer en mobiliteit hoofdzakelijk aan bod als vakoverschrijdende activiteit (73,3%).

Verkeer

In iets meer dan de helft van de gevallen wordt er ook binnen één vak, bijvoorbeeld wiskunde of Nederlands, aan gewerkt (52,9%). De frequentie waarmee verkeer en mobiliteit op klasniveau aan bod komen, ligt echter vrij laag.

In bijna 4 op de 10 gevallen is dat één keer per jaar (37,9%), in ongeveer evenveel gevallen één keer per trimester (36,8%).  Slechts een op vier respondenten zegt dat de thema’s maandelijks of vaker worden behandeld (24,2%).

Aanspreekpunt

Een meerderheid geeft aan dat de school een vast aanspreekpunt voor initiatieven rond verkeer en mobiliteit heeft (63,6%). In 1 op 6 gevallen (16,8%) is er echter geen vast aanspreekpunt, en 1 op 5 weet het niet (19,6%).

Toekomstvisie: verkeer en mobiliteit moeten duidelijk en concreet aan bod komen als competenties. In de hervormingsplannen voor het secundair onderwijs worden de huidige eindtermen omgezet naar ‘competenties’.

Toetsing

Een grote meerderheid van de bevraagden (85,6%) meent dat verkeer en mobiliteit in deze competenties duidelijk en concreet aan bod moeten komen, wat meteen inhoudt dat leerlingen daar ook op getoetst kunnen worden.

Volgens iets minder dan de helft van de bevraagden (47,7%) gebeurt dat best vakgebonden. Daarbij gaat de voorkeur naar vakken als ‘project algemene vakken’ (74,2%), maatschappelijke vorming (54,7%), aardrijkskunde (44,8%) en lichamelijke opvoeding (43,9%).

Verkeersattitude

Volgens de meeste respondenten dient daarbij zeker aandacht te worden besteed aan verkeersattitude en risicogedrag als autobestuurder (59,1%), kennis van de wegcode (47,8%), verkeersattitude en risicogedrag als fietser of bromfietser (44,7%), en fietsvaardigheid (36,3%).

Om verkeers‐ en mobiliteitseducatie een volwaardige plaats te geven in het secundair onderwijs is het volgens de meeste respondenten noodzakelijk om scholen kant- en klare lespakketten en projecten aan te bieden (69,3%), het onderwerp vakoverschrijdend aan bod te laten komen (57,2%), het als onderdeel in bestaande vakken te integreren (50,9%) en het te laten invullen door externen zoals bijvoorbeeld de politie (49,9%).

Verkeerseducatie

en mobiliteitseducatie in het huidige secundair onderwijs veelal op een algemene manier en weinig frequent worden behandeld. Momenteel hebben secundaire scholen immers geen resultaatsverbintenis voor verkeers- en mobiliteitseducatie, zoals dat in het lager onderwijs wel het geval is.

Uit de ongevallenstatistieken blijkt echter dat vooral jongeren vanaf 15 jaar een verhoogd risico lopen om betrokken te raken in een verkeersongeval. Door hen aan te sporen tot veilige en verantwoorde verkeersdeelname kunnen we dit risico verminderen, verwacht de stichting.

Onderwijs

“Daarom is het belangrijk dat de leerlijn inzake verkeer en mobiliteit die gestart is in het basisonderwijs verder doorloopt in het secundair onderwijs en zelfs nog wordt versterkt”, meldt het rapport.

“Een grote meerderheid van de bevraagden uit het onderwijs is daar zelf vragende partij voor, en wil dat verkeer en mobiliteit in het kader van de onderwijshervorming duidelijk en concreet deel uitmaken van de competenties die jongeren in het secundair onderwijs dienen te verwerven.”

 

Bron: Verkeerspro.nl

Illegale rijles 16-jarige door vriend eindigt met ongeluk

De voorpui van een woning aan de Mostaertstraat is eerder deze maand na een illegale amateur-rijles zwaar beschadigd geraakt. Een 16-jarig meisje uit Middelburg kreeg rond 16:45 uur illegaal autorijles van haar 21-jarige vriend uit Hulst. De rijles eindigde in een ongeluk. De politie heeft vervolgens een boete uitgeschreven aan het tweetal voor rijden zonder rijbewijs en onbevoegd rijles geven.

Het meisje gaf achteraf tegen de politie te kennen dat ze dolgraag een keertje wilde autorijden. Dat liep helemaal verkeerd af, toen zij vol gas gaf en de koppeling op liet komen.

Ongeluk

Ze ramde eerst een lantaarnpaal en reed vervolgens frontaal op het huis. De woning raakte zwaar beschadigd. Het meisje is door ambulancepersoneel onderzocht en doorgestuurd naar de huisartsenpost om zich aan schaafwonden te laten behandelen.

 

Bron: Verkeerspro.nl

Dramatische daling in slagingspercentages theorie-examen

Het gemiddelde slagingspercentage voor het theorie-examen B is in de afgelopen dertien jaar met maar liefst 9,2 procentpunten gedaald. Waar het in 2001 nog op 54,1 procent lag, werd in 2013 een gemiddeld percentage van 44,9 geregistreerd. In het eerste half jaar van 2014 is het getal overigens nog verder gezakt. In het eerste kwartaal van dit jaar werd een gemiddeld slagingspercentage van 44,1 procent genoteerd. In het tweede kwartaal ging het zelfs om niet meer dan 39,3 procent. Dat blijkt uit cijfers van het CBR. De meest recente daling wordt waarschijnlijk veroorzaakt door fraudepreventie bij theorie-examens.

De jaarlijkse gemiddelde slagingspercentages van het theorie-examen voor het B-rijbewijs laten over het algemeen een flinke dalende trend zien. De daling was het grootst in 2003, toen het percentage van 55,5 naar 49,3 ging. Dat is een verschil van 6,2 procentpunten. Mogelijk omdat het CBR rond die tijd een groot aantal vragen in het examen veranderde van ja/nee-vragen in vragen in de ABC-vorm. De grootste stijging van het slagingspercentage werd geregistreerd in 2009. Het percentage veranderde van 48,2 in 51 procent. Een toename van 2,8 procentpunten.

 

Theorie-examen

In de periode van 2001 tot en met 2013 was het gemiddelde slagingspercentage 49 procent. Met een gemiddelde slaagkans van 41,7 procent in de eerste twee kwartalen van dit jaar, ligt de kans dat een B-kandidaat zijn theorie-examen haalt anno 2014 dus ver onder het gemiddelde van de afgelopen jaren.

Het CBR stelt dat de daling waarschijnlijk van doen heeft met haar inspanningen op het gebied van fraudepreventie. “We verversen onze vragen met regelmaat, maken structureel gebruik van sweepers, trainen onze medewerkers op het gebied van identiteitsfraude en zijn recent een proef met detectiepoortjes gestart. We kunnen natuurlijk niet honderd procent hardmaken dat onze maatregelen de oorzaak van de daling zijn. Maar dat zulke maatregelen effect hebben op slagingspercentages, dat ligt wel erg voor de hand”, aldus Irene Heldens van het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen.

CBR

Het CBR heeft naar eigen zeggen fors aan de theorie-vragen gesleuteld, zodat ‘plaatjes leren’ geen zin heeft. “Dit onder andere wegens partijen die zeggen onze vragen en de antwoorden daarop te hebben. Kandidaten moeten de vragen en situaties in het theorie-examen daardoor echt begrijpen om goed te kunnen antwoorden”, zo laat Heldens weten.

Iemand die goed voorbereid is, heeft daar dus geen hinder van, zo stelt ze. “Maar een persoon die niet leert of alleen maar plaatjes in zijn hoofd stampt, die zal gewoon weer terug moeten komen.” Ze verwacht overigens dat het percentage in de loop der tijd weer wat aan gaat trekken. “Als kandidaten doorkrijgen dat er steeds strenger gecontroleerd wordt, zal uiteindelijk waarschijnlijk beter worden geleerd. De sweepers zijn al zo’n anderhalf tot twee jaar in gebruik, maar de detectiepoorten waren daar recent nog een schep bovenop en hebben de controle intensief aangescherpt.”

Theorie

Karel Valkenburg, directeur van Smit Rijschoolservice stelt het lastig te vinden de vinger op de precieze oorzaak van de daling te leggen. “Daar kunnen we alleen naar gissen. Fraudepreventie kan inderdaad een effect op de cijfers hebben gehad, dat is een logische verklaring. Daarnaast kan het aan de veranderingen in de theorie-vragen liggen. En ik heb het idee dat we met een cultuuromslag te maken hebben. Dat kandidaten gemakzuchtiger zijn dan jaren geleden en liever op hun smartphone zitten dan een theorieboek openslaan. Maar dat is een gok: het is lastig te bewijzen.”

Volgens Chris Verstappen, directeur van verkeersmiddelenleverancier Verjo, is de daling het gevolg van een heel pakket van factoren. “De algehele daling heeft waarschijnlijk van doen met het aantal uren dat tegenwoordig nog klassikaal theorieles wordt gegeven. Dat is wegens commerciële druk alleen maar aan het afnemen. Tien jaar geleden vonden er veel meer en langere theoriecursussen plaats. Veel rijbewijskandidaten denken hun examen nu met een paar spelletjes op internet wel te kunnen halen. Dat dat niet het geval is, dat blijkt ook maar weer uit de actuele cijfers van de afgelopen jaren.”

Opleiding

“Bij de opleiding tot rijinstructeur wordt alleen nog schriftelijk getoetst of een potentiële rijinstructeur weet wat theorieles geven is. Sinds invoering van de nieuwe WRM in 2009 hoeven kandidaten niet meer in de praktijk te laten zien dat ze echt theorieles kunnen geven”, zo gaat Chris Verstappen verder. “Dit terwijl leerlingen steeds meer begeleiding nodig hebben, omdat de kennis die ze moeten hebben om veilig aan het verkeer kunnen deelnemen steeds omvangrijker wordt. E-learning alleen is niet de oplossing voor veel leerlingen. Ze zien door het bos de bomen niet meer.”

“Dat een kandidaat steeds meer moet weten, is ook te zien aan de omvang van een theorieboeken”, zo vervolgt hij. “Theorieboeken waren in 2001 nog een bladzijde of 190 dik. Inmiddels moeten kandidaten zo’n 250 pagina’s aan informatie kennen. Dat komt onder andere door nieuwe ontwikkelingen en technologieën op het gebied van verkeer, maar ook de steeds hogere eisen die de maatschappij stelt aan de theoriekennis. Dat is weer terug te vinden in de eisen die de EU stelt aan de theorie-examens.”

Afnamesysteem

Verstappen verwacht overigens dat het gemiddelde slagingspercentage voor het B-rijbewijs na de implementatie van het nieuwe theorie-afnamesysteem nog verder kan dalen. “Dat is in het verleden al vaker voorgekomen na grote aanpassingen. Bij de invoering van het huidige examensysteem in 2002-2003 bijvoorbeeld was een vergelijkbaar effect te zien.” Hij stelt dat zowel passief als actief afkijken met het afnamesysteem dat op stapel staat niet meer mogelijk is. “En kandidaten krijgen geen eerder gestelde vragen meer in een herexamen. Theorie kennen en begrijpen wordt dan dus echt een noodzaak”, zo redeneert hij. “Dat zullen kandidaten moeten ondervinden, voordat ze echt serieus voor hun theorie-examen gaan studeren.”

De leermiddelenleverancier wijst op de nieuwe wet in België die maakt dat kandidaten die twee keer zakken voor hun theorie-examen sinds begin dit jaar verplicht 12 uur theoretisch onderwijs moeten volgen bij een erkende rijschool en een erkende theorie-docent. “Dat zou voor in Nederland ook een mooi systeem zijn”, zo laat hij weten. “Als de juiste personen voor de klas staan, dan kun je daar het percentage naar mijn idee behoorlijk mee opkrikken. Maar het zal ook zorgen dat leerlingen betere en veiligere beginnende bestuurders worden. Veel rijscholen willen wel theorieles geven, maar dan moet het ook economisch zinnig zijn. Voor niets werken kan immers niemand in Nederland.”

Motor

De slagingspercentages voor theorie-examens in de motorcategorie A daalden in de afgelopen dertien jaar van 66,1 naar 54,1 procent. Een verschil van 14,2 procentpunten. Tussen 2001 en 2013 fluctueerde het percentage overigens steeds. De grootste daling vond in 2003 plaats, toen het slagingspercentage van 64,9 afnam tot 52,2 procent.

De slaagkans voor het theorie-examen van de AM-categorie bromfiets is met 45,3 procent in 2001 en 45,5 procent in 2013 bijna gelijk gebleven. Door de jaren heen waren uitschieters te zien naar boven en beneden. In 2003 werd een percentage van 41,8 genoteerd. In 2007 was het gemiddelde 52,9 procent.

Roosmarijn Dierick

Bron: Verkeerspro.nl

Psychiater mag extra kosten rekenen voor rijbewijskeuring

Psychiaters en neurologen mogen vanaf nu meer tijd in rekening brengen voor een rijbewijskeuring op basis van een Eigen verklaring. Wanneer de voorbereidingen en het verslagleggen van een onderzoek langer dan een kwartier in beslag neemt, dan mag een toeslag van 39 euro worden berekend met een maximum van twee extra toeslagen. Dat laat de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) weten. De arts moet dat wel van tevoren aan de rijbewijsbezitter melden. 

Een groot deel van de psychiaters in Nederland gaf in januari van dit jaar aan niet langer rijbewijskeuringen uit te voeren. De groep vond de nieuwe maximale vergoeding die per 1 januari gold te laag om kostendekkend te kunnen werken. Eerder konden psychiaters een bedrag van bijna 245 euro (excl. BTW) in rekening brengen voor een keuring, ook al duurde die soms slechts enkele minuten. De NZa bepaalde dat vanaf 2014 een tarief van 78,05 euro zou gelden.

Tarieven

De tarieven, die door de NZa werden opgesteld, waren gebaseerd op de tijd die de psychiater met zijn cliënt in de spreekkamer doorbrengt. Daarnaast werd vastgesteld dat de tijd die nodig is om de keuring voor te bereiden en het rapport op te stellen na afloop van het gesprek maximaal vijftien minuten mag duren. Als gevolg van die nieuwe regels liep de wachttijd voor het vernieuwen van het rijbewijsdocument op, aangezien begin 2014 nog maar 15 procent van de normale capaciteit psychiaters beschikbaar was.

De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) noemde die gestelde tijd ‘volstrekt ontoereikend’. “Omdat de keuringen door psychiaters zeer complex zijn en er zoveel eisen aan gesteld worden, is dat voor ons niet te doen”, zo liet Jan-Willem Peterse van de NVvP weten. “Op dit moment worden we gelijkgesteld aan de keuring door bijvoorbeeld een oogarts, terwijl die toch duidelijk minder tijd nodig heeft voor het voorbereiden en uitwerken van zijn rapport. Dit omdat het geen forensisch politiedossier is dat aan de keuring ten grondslag ligt.”

Keuring

Op basis van een tijdsbestedingsonderzoek is nu besloten psychiaters en neurologen de mogelijkheid te geven extra tijd in rekening te brengen. De verandering is per 1 augustus ingegaan, zo laat de Nederlandse Zorgautoriteit weten.

 

Bron: Verkeerspro.nl

Verbouwing examencentra Barendrecht, Haarlem, Hoogeveen

De CBR-examencentra in Barendrecht, Haarlem en Hoogeveen worden vanaf 8 september geschikt gemaakt voor de afname van theorie-examens via het nieuwe systeem. Gedurende de verbouwing worden alle examens dan ook afgenomen vanaf andere locaties. Dat heeft het CBR laten weten. Voor praktijkexamens en rijtests kunnen leerlingen per 20 oktober weer in de drie centra ‘nieuwe stijl’ terecht. Vanaf eind oktober worden ook de theorie-examens daar weer afgenomen, dan via touchscreens.

Tijdens de verbouwing worden de theorie-examens in overige theorie-examencentra afgenomen. De CBR-locatie aan de Noorderbocht 25 te Rotterdam wordt daarnaast tijdelijk als theoriecentrum ingericht, zo laat het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen weten.

Praktijkexamen

Gedurende de verbouwingsperiode gaan de praktijkexamens en rijtesten in Haarlem en Hoogeveen gewoon door op de huidige locatie.

De praktijkexamens in Barendrecht worden in die periode afgenomen vanuit tenniscentrum IJsselmonde aan Akkeroord 10 in Rotterdam. De rijtesten gebeuren vanaf het CBR-examencentrum aan de Noorderbocht 25 in Rotterdam, aldus het CBR.

Afnamesysteem

Het CBR gaat het huidige theorie-afnamesysteem vernieuwen, omdat het klassikale examen naar zeggen van het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen niet meer aansluit bij deze tijd. Het CBR streeft ernaar het huidige klassikale theorie-examen per 1 januari 2015 tot het verleden te laten behoren.

Voorlopig verandert er met ITEC niets aan de inhoud van het theorie-examen. Het is nu een technische verandering, niet inhoudelijk. “Het moet gedurende het proces van de uitrol namelijk niet uitmaken of je nog in een ‘oud’ gebouw het examen maakt of dat je al in een omgebouwde theoriezaal de vragen moet beantwoorden”, zo liet het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen eerder al weten.

 

Bron: Verkeerspro.nl

Helft jonge bestuurders gebruikt smartphone achter stuur

De helft van de Nederlandse jongeren tussen de 17 en 34 jaar maakt achter het stuur gebruik van een smartphone. Dit terwijl 94 procent van de jongeren het onacceptabel vindt als bijvoorbeeld een buschauffeur zijn smartphone zou gebruiken tijdens het rijden. Dat blijkt uit onderzoek dat in opdracht van Stichting TeamAlert werd uitgevoerd. 

Bijna alle ondervraagde jongeren waren zich er overigens van bewust dat het gebruik van mobiele telefoons in het verkeer gebruiken levensgevaarlijk kan zijn. 84 procent stelde op de hoogte te zijn van de mogelijke consequenties.

Bestuuder

Naar schatting speelt afleiding door bijvoorbeeld het gebruik van een mobiele telefoon achter het stuur bij 5 tot 25 procent van alle auto-ongevallen een rol. Dat blijkt uit recent onderzoek van Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV). Met 31 procent van de onderzoeksgroep, zegt bijna een derde van alle jongeren ook daadwerkelijk te worden afgeleid tijdens het rijden.

Als oplossing zien de ondervraagden, naast strengere handhaving, vooral uitkomst in het belonen van bestuurders die hun smartphone niet gebruiken. Vrouwen vinden de handelingen op de smartphone tijdens het rijden overigens gevaarlijker dan mannen, zo blijkt.

Verkeersveiligheid

Ook volgens verkeerspsycholoog Marjan Hagenzieker van de SWOV zullen alleen voorzichtingscampagnes die bestuurders wijzen op de gevaren van mobieltjes in het verkeer, niet voldoende zijn. Daarnaast is streng politietoezicht niet genoeg, zo stelt ze in het vorig jaar verschenen rapport ‘Schatting van het aantal verkeersdoden door afleiding’. Hagenzieker pleit ervoor dat de techniek te hulp wordt geroepen om bestuurders te beschermen tegen de drang op elk ‘bliepje’ te reageren.

‘Om niet aan de drang te hoeven toegeven, zou je tijdens het rijden eigenlijk bepaalde functies op je telefoon uit moeten zetten: geen mail, geen WhatsApp, geen Facebook of andere social media.De telefoon helemaal uit kan natuurlijk ook, maar veel mensen gebruiken bijvoorbeeld het navigatiesysteem van hun telefoon. Het uitzetten van de social media-functies vraagt niet alleen extra handelingen van de automobilist, het vraagt misschien ook wel een zekere discipline”, aldus de SWOC-verkeerspsycholoog.

Techniek

“Er zijn apps in ontwikkeling die bepaalde functies van de telefoon uitzetten, zodra je met een bepaalde snelheid rijdt. De volgende stap is dat de auto dit vanaf een bepaalde snelheid doet. Een aantal autofabrikanten is daar al mee bezig.”

Hagenzieker: “We doen in het verkeer nog steeds te veel dingen waarvan we eigenlijk wéten dat het gevaarlijk is. Als de techniek ons kan helpen om dit te voorkomen, dan juich ik dat zeer toe.”

 

Smartphone-in-de-auto

 

Bron: Verkeerspro.nl

Effect hooikoorts op rijvaardigheid gelijk aan 3 glazen alcohol

Autorijden met hooikoortsklachten is vergelijkbaar met rijden onder invloed van twee tot drie glazen alcohol. Dat blijkt uit onderzoek van het Maastricht Universitair Medisch Centrum (UMC)De rijtests voor dat onderzoek werden uitgevoerd op autosnelwegen onder begeleiding van rijinstructeur Henk Brauers. “De resultaten zeggen een hoop. Toch is het goed dat het effect van hooikoorts op de rijvaardigheid ook in andere verkeerssituaties, zoals binnen de bebouwde kom getest gaat worden”, zo laat hij weten.

De rijinstructeur van de gelijknamige rijschool is al 28 jaar betrokken bij de rijtests van de universiteit. Hij begeleidt met regelmaat proefpersonen tijdens rijtests voor onderzoeken naar de effecten van geneesmiddelen, alcohol en andere drugs op het rijgedrag. Daarnaast noteert hij tijdens het testen zijn bevindingen, waardoor een completer beeld van de situatie ontstaat. “Mijn waarnemingen kwamen bij het onderzoek naar rijvaardigheid bij hooikoorts aardig overeen met die van de camera’s”, aldus Brauers

Meting

Om de effecten van hooikoortsklachten op de rijvaardigheid te meten, werd er een testauto met twee speciale camera’s op het dak ingezet. De onderzoekers bekeken aan de hand van de metingen hoeveel er door de twintig proefpersonen werd geslingerd wanneer hooikoortsklachten werden opgewekt. In een eerder onderzoek naar de invloed van alcohol op de rijvaardigheid zijn de onderzoekers op dezelfde manier te werk gegaan. Door de gegevens naast elkaar te leggen, bleken hooikoortsklachten voor de rijvaardigheid gelijk te staan aan rijden onder invloed van twee tot drie glazen alcohol. Dat is een promillage van 0,5.

Iedere deelnemer aan het onderzoek reed onder begeleiding van Brauers een uur lang met een gemiddelde snelheid van 90 km/u in een testauto. Deze wordt ook voor andere onderzoeken ingezet en heeft buiten een camerasysteem alle kenmerken van een lesauto, zoals extra spiegels en dubbele bediening. Tijdens de rijtesten hoefde Brauers echter niet in te grijpen, zo laat hij weten. “Bij sommige proefpersonen merkte ik wel dat ze minder goed begonnen te kijken tijdens de rit. Daarnaast werden ze trager met het nemen van beslissingen.”

Onderzoek

Eric Vuurman, één van de onderzoekers van het UMC, vertelt dat het onderzoek werd gestart omdat hooikoortspatiënten in het ziekenhuis aangaven in sommige situaties door hun allergie niet goed te kunnen functioneren. “Dat soort klachten wordt vaak niet serieus genomen. Met het onderzoek proberen wij aan te tonen dat je hooikoorts niet te licht op moet nemen.”

Voor het onderzoek werd in de winter de rijvaardigheid van twintig hooikoortspatiënten met een rijbewijs getoetst. Voor die periode van het jaar werd gekozen, omdat de deelnemers ter vergelijking ook zonder hooikoortsklachten rond moesten kunnen rijden. Zij kregen eerst een placebo-neusspray en daarna een echte allergie-opwekkende neusspray toegediend. In beide gevallen werd vervolgens de rijtest afgelegd.

Medicijnen 

Naast hooikoorts hebben ook medicijnen tegen de allergie effect op de rijvaardigheid. Dat blijkt uit een eerder onderzoek van de Rijksuniversiteit in Groningen. Daarvoor werden gezonde proefpersonen tijdens de rijtests gebruikt. In sommige gevallen zorgden de bijwerkingen ervoor dat de proefpersoon reed alsof hij 4 tot 8 glazen alcohol op had. Automobilisten zouden zich te weinig bewust zijn van de invloed van medicijnen op het rijgedrag, zo werd door de onderzoekers gesteld. Het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM) startte dit voorjaar dan ook met een campagne om medicijngebruikers te wijzen op de gevaren voor henzelf en voor anderen.

Uit de nieuwe serie testritten met echte patiënten blijkt nu dat het voor de rijvaardigheid van hooikoortspatiënten beter is om medicatie tegen een allergische reactie te gebruiken dan om zonder medicijnen achter het stuur te kruipen. Henriëtte van der Kwaak, adviseur bij het IVM, geeft aan dat je toch goed op moet letten bij het gebruik van medicijnen bij hooikoorts. “Een medicijn kan de rijvaardigheid verbeteren. Maar wanneer mogelijke bijwerkingen van het middel een negatieve invloed op de rijvaardigheid kunnen hebben, mag je alsnog niet de weg op. Of dat het geval is hangt af van het medicijn dat je gebruikt.”

Rijtest

“Om de rijvaardigheid en de verkeersveiligheid onder invloed van de allergie beter in kaart te brengen, willen we de rijtest ook uitvoeren in andere verkeersomstandigheden dan op de autosnelweg”, vertelt Vuurman. ”We zijn daarom bezig met de aanvraag van een vervolgonderzoek naar de rijvaardigheid bij hooikoorts. We gaan dan bijvoorbeeld kijken naar de reactie op verkeerstekens en andere weggebruikers. Ik hoop daar volgend jaar rond deze tijd de eerste resultaten van te hebben.”

Rijinstructeur Brauers is ook binnenkort weer betrokken bij rijtesten voor een soortgelijk onderzoek. “Volgende week maak ik testritten met mensen die langdurig medicijnen tegen slaaploosheid, angst of depressie gebruiken. Volgens de wet mogen zij niet rijden. Wij gaan onderzoeken of dat terecht is.” Dat onderzoek is een samenwerkingsverband van de universiteiten in Groningen, Utrecht en Maastricht.

 

Bron: Verkeerspro.nl

Gewapende overval op rijschool in Amsterdam Zuidoost

Twee medewerkers van rijschool Dostana uit Amsterdam zijn dinsdagmiddag slachtoffer geworden van een gewapende overval. Twee mannen kwamen de rijschool op de Bijlmerdreef in Zuidoost binnen met vragen over verschillende lespakketten. Vervolgens werd een vuurwapen getrokken en geld geëist. De twee overvallers zijn nog steeds voortvluchtig.

De gewapende overval op de rijschool vond op klaarlichte dag plaats. Politie zette onder andere een helikopter in om de mannen op te vinden, maar tot op heden ontbreekt ieder spoor. “We zijn momenteel nog bezig met sporen- en een buurtonderzoek”, zo stelt een woordvoerder van de politie. Welk geldbedrag er buit is gemaakt, dat kan hij in het kader van het lopende onderzoek niet zeggen.

Overval

Een van de medewerkers die tijdens de overval onder schot werd gehouden, laat weten dit nooit verwacht te hebben. “In de twintig jaar dat we bestaan, hebben we zoiets nog nooit meegemaakt. Ik denk dat de overval al met al vijf tot zeven minuten geduurd heeft, maar voor mijn gevoel was het veel langer.”

Hij stelt dat de twee alle lades en kasten hebben opengetrokken op zoek naar geld. “Dat het op klaarlichte dag gebeurde, dat vind ik zo opmerkelijk. Ik hoop dat de daders snel worden gevonden.”

Tips

Politie laat weten dat tips met betrekking tot de zaak welkom zijn. De politie kan getipt worden, onder andere via het digitale tipformulier. Ook wordt Burgernet ingezet om de verblijfplaats van de mannen te achterhalen.

Bron:Verkeerspro.nl